Onregelmatige maatsoorten: 5/4, 7/8 en verder
Muziektheorie · Het ritme · Niveau 5 · 10 min
Maatsoorten van 5, 7, 11 of 13 tellen kun je niet in gelijke delen splitsen: we voelen ze als een combinatie van groepjes van 2 en 3. Ze heten onregelmatige of asymmetrische maatsoorten (of aksak, Turks voor „hinkend”, in de Balkan- en Turkse muziek, waar het gewone dansritmes zijn).
5/4 (of 5/8)
Vijf tellen = 3 + 2 of 2 + 3. Beroemde voorbeelden: Mars uit The Planets van Holst (een krijgshaftig ostinato in 5/4), het tweede deel van Tsjaikovski's „Pathétique”-symfonie (een „hinkende wals” in vijf) en natuurlijk Take Five van Dave Brubeck in de jazz.
M:5/4 L:1/8 Q:1/4=140 K:Dm "Dm"!>!D2 A2 d2 !>!A2 d2 | "Dm"!>!D2 A2 d2 !>!c2 A2 | "Gm"!>!G,2 D2 G2 !>!F2 D2 | "A"!>!A,2 E2 A2 !>!^c2 e2 |]
Tel „1 2 3 4 5”: de accenten tonen de groepering 3 + 2.
7/8
Zeven achtsten = 2 + 2 + 3, 3 + 2 + 2 of 2 + 3 + 2. Tel „1-2 1-2 1-2-3” – of met lettergrepen: „ta-ka ta-ka ta-ki-ta”.
M:7/8 L:1/8 Q:1/8=260 K:Dm D2 F2 A3 | G2 F2 E3 | DF Ad ^cBA | D4 z3 |]
Hier tonen de waardestrepen de groepering 2 + 2 + 3. 7/8 vind je in veel Bulgaarse en Macedonische dansen, bij Bartók (Dansen in Bulgaars ritme uit Mikrokosmos) en in de progressieve rock.
Wisselende maatsoorten
In de 20e eeuw wisselen Stravinsky (Le Sacre du printemps), Bartók en Messiaen bijna elke maat van maatsoort. Het principe blijft hetzelfde: zoek de kleinste gemeenschappelijke waarde (vaak de achtste), hou die perfect constant en voel dan de groeperingen.
← Samengestelde maatsoorten: 6/8, 9/8, 12/8 · Swinggevoel en ongelijke achtsten →