Enharmonie: één klank, meerdere namen
Muziektheorie · De noten en de notenbalk · Niveau 3 · 8 min
De zwarte toets tussen C en D kan Cis (C♯) of Des (D♭) heten. Op een piano duiden beide namen dezelfde toonhoogte aan: ze zijn enharmonisch gelijk. Elke toets op het toetsenbord heeft twee of drie mogelijke namen.
| Toets | Enharmonische namen |
|---|---|
| zwarte toets tussen C en D | C♯ = D♭ (= B𝄪) |
| zwarte toets tussen F en G | F♯ = G♭ (= E𝄪) |
| witte toets F | F = E♯ = G𝄫 |
| witte toets C | C = B♯ = D𝄫 |
| witte toets E | E = F♭ = D𝄪 |
M:4/4 L:1/4 K:C ^C2 _D2 | ^E2 F2 | B2 _c2 | ^^F2 G2 |]
Elke maat speelt twee keer dezelfde toonhoogte, op twee verschillende manieren gespeld.
Waarom dan twee namen?
Omdat de spelling van een noot je haar functie vertelt. Enkele principes:
- Een toonladder gebruikt elke letter precies één keer. De toonladder van D-groot spel je D E Fis G A B Cis – niet D E Ges G…, want dan sla je F over en herhaal je G.
- Intervallen hangen af van de letternamen. C–Es is een (kleine) terts, C–Dis een (overmatige) secunde, ook al klinken ze op de piano precies hetzelfde.
- Melodische richting: een stijgende chromatische lijn noteer je meestal met kruisen (C, Cis, D), een dalende met mollen (D, Des, C).
Wist je dat? Op een piano in gelijkzwevende stemming is het octaaf verdeeld in twaalf gelijke halve tonen, dus Cis en Des zijn exact dezelfde toonhoogte. Maar violisten en zangers, die hun intonatie kunnen bijsturen, zingen of spelen ze afhankelijk van de context soms heel licht verschillend.
Methode: om de enharmonische naam van een noot te vinden, tel je halve tonen. Eis = E + 1 halve toon = F. Ces = C − 1 halve toon = B. Bisis (B𝄪) = B + 2 halve tonen = Cis.
← Toevallige tekens: kruis, mol, herstellingsteken · C-sleutels en lezen in alle sleutels →