Articulatie: legato, staccato, accenten
Muziektheorie · Expressie: dynamiek, articulatie, tekens · Niveau 2 · 10 min
Articulatie beschrijft hoe noten verbonden en aangeslagen worden: gebonden of los, beklemtoond of licht. Het is de „uitspraak” van de muziek: dezelfde frase, anders gearticuleerd, krijgt een heel ander karakter.
| Teken | Naam | Zo speel je het op de piano |
|---|---|---|
| boog (legatoboog) | legato | gebonden noten: laat een toets pas los terwijl je de volgende indrukt |
| punt | staccato | los, ingekort (tot ongeveer de helft), gespeeld met een lichte vering van de pols |
| wigje | staccatissimo | heel kort, puntig |
| horizontaal streepje | tenuto | de volle waarde aangehouden, met een beetje gewicht |
| > | accent | een sterkere aanslag dan de omringende noten |
| ^ | marcato | een zwaar, „gehamerd” accent |
| punten onder een boog | portato (mezzo-staccato) | halfweg tussen legato en staccato, elke noot een beetje gescheiden |
M:4/4 L:1/4 Q:1/4=90 K:C (C D E F) | .G .G .G z | !tenuto!c !tenuto!B !tenuto!A !tenuto!G | !>!C !>!E !>!G z | (.c .B .A .G) | !wedge!c !wedge!G !marcato!c2 |]
Frasebogen
Een lange boog over een hele frase is een fraseboog: als de adem van een zanger. Speel legato binnen de boog en „adem” (een lichte ontspanning, een minieme scheiding) aan het einde ervan. Bij een kort boogje over twee noten wordt de eerste noot licht beklemtoond en de tweede lichter en korter gespeeld: de klassieke „zucht” van Mozart en Haydn.
M:4/4 L:1/4 Q:1/4=80 K:C (e d) (c B) | (A G) c2 | (d c) (B A) | G4 |]
Staat er helemaal geen teken, dan hangt de afspraak af van de stijl: bij Bach is een licht „non legato” gebruikelijk; in romantische muziek voelt standaard legato natuurlijker. Goede (urtext-)uitgaven laten die keuze aan de uitvoerder.